Aderverkalking (atherosclerose)

Symptomen

  • Een langzaam toenemende vernauwing van slagaders door afzetting van vetachtige stoffen in de vaatwand
  • Pijn en/of kramp in de benen
  • Pijn en/of kramp op de borst bij inspanning

Wat is het?

Aderverkalking of atherosclerose is een ziekte van de grote en middelgrote slagaders. Ten gevolge van atherosclerose ontstaan in de loop van vele jaren langzaam maar zeker vernauwingen in deze bloedvaten door de afzetting van vetachtige stoffen in de vaatwand. Deze “plaques” zoals men ze noemt gaan later verkalken. Vandaar de naam aderverkalking. Atherosclerose begint met het binnendringen van bepaalde witte bloedcellen, de monocyten, in de binnenbekleding van de vaatwand. Deze monocyten kunnen vetdroppeltjes opslaan, en worden zo tot schuimcellen. Deze nemen in aantal sterk toe en tillen de binnenwand van de slagader op. Daardoor ontstaan kleine scheurtjes in deze binnenwand. Daarop kunnen zich bloedplaatjes nestelen. Daarbij komen stoffen vrij die bijdragen aan een verdere verlittekening van de binnenwand van de slagader. Zo ontstaan atheromen: verdikte plekken in de vaatwand die bestaan uit een kaasachtige substantie van met vet gevulde schuimcellen, kalk en gladde spiercellen bedekt door een laagje bindweefsel. Naarmate de atheromen in omvang toenemen raakt de slagader steeds verder vernauwd. Op Zo’n atheroom kan een stolsel ontstaan dat plots de vaatwand afsluit (trombose). Ook kan het atheroom losraken van de vaatwand en met de bloedstroom mee verderop een slagader verstoppen (embolie). Bijna iedereen zal vroeger of later te maken krijgen met een bepaalde mate van atherosclerose. Lang niet altijd zal dit echter gepaard gaan met klachten. Deze ontstaan pas als door de vernauwing of verstopping de bloed- en zuurstofvoorziening in gevaar komt.

Symptoomcheck: Aderverkalking

Aderverkalking of atherosclerose is een ziekte van de grote en middelgrote slagaders. Ten gevolge van atherosclerose ontstaan in de loop van vele jaren langzaam maar zeker vernauwingen in deze bloedvaten door de afzetting van vetachtige stoffen in de vaatwand. Deze "plaques" zoals men ze noemt gaan later verkalken. Vandaar de naam aderverkalking. Atherosclerose begint met het binnendringen van bepaalde witte bloedcellen, de monocyten, in de binnenbekleding van de slagaderlijke vaatwand. Deze monocyten veranderen vervolgens in cellen die vetdruppeltjes kunnen opslaan, de schuimcellen. Deze schuimcellen nemen in aantal sterk toe en tillen de binnenwand van de slagader op. Daardoor ontstaan microscopisch kleine scheurtjes in deze binnenwand. De schuimcellen en andere structuren van de vaatwand komen zo in contact met de bloedstroom en op de scheurtjes kunnen zich bloedplaatjes nestelen. Uit deze bloedplaatjes en uit de monocyten komen stoffen vrij die er voor zorgen dat spiercellen de binnenwand binnendringen. De spiercellen kunnen bindweefsel produceren en net als de monocyten vet opslaan. Zo ontstaan atheromen (de "kalk"): verdikte plekken in de vaatwand die bestaan uit een kaasachtige substantie van met vet gevulde schuimcellen en gladde spiercellen bedekt door een laagje bindweefsel.

Hoe kom je eraan?

De kans op het krijgen van een ernstige vorm van atherosclerose neemt toe indien er ook nog sprake is van risicofactoren. De belangrijkste risicofactor voor het ontstaan van aderverkalking is roken. Andere risicofactoren zijn:

  • overgewicht;
  • gebrek aan lichaamsbeweging;
  • een hoog cholesterolgehalte;
  • hoge bloeddruk;
  • suikerziekte;
  • erfelijkheid: als u familieleden heeft in de eerste graad die voor hun zestigste verschijnselen kregen van bloedvatvernauwing loopt u ook een verhoogd risico;
  • stress.
  • hyperhomocysteïnemie (te hoog gehalte in het bloed van het aminozuur homocysteïne);

Wat kunt u zelf doen?

Stoppen met roken is de belangrijkste maatregel die u zelf kunt nemen. Meet uzelf daarnaast een gezonde leefstijl aan: eet gezond, gevarieerd, met voldoende groente en fruit, beperk de hoeveelheid vet. Let op uw gewicht, en beweeg voldoende: iedere dag en half uur fietsen of doorwandelen of een vergelijkbare activiteit.

Wat doet de dokter?

Atherosclerose is een langzaam voortschrijdend proces en is niet te genezen. Bovenstaande maatregelen kunnen dit proces echter wel aanzienlijk vertragen. Sommige risicofactoren, zoals hoge bloeddruk, suikerziekte, een te hoog cholesterol- of homocysteïnegehalte zijn goed te behandelen. Of dat noodzakelijk is kunt u het beste bespreken met uw huisarts. In bepaalde gevallen kan een vernauwing in een bloedvat ten gevolge van atherosclerose worden opgeheven door bijvoorbeeld een dotterprocedure. Dit gebeurt met behulp van een ballonnetje dat via een katheter in de slagader wordt opgeblazen. Op deze manier wordt de vernauwing tegen de vaatwand platdrukt. Indien dotteren niet mogelijk is kan het nodig zijn een of meer “bypasses'”of omleidingen aan te leggen. Dit houdt in dat de vaatchirurg letterlijk met stukjes ader elders uit het lichaam of met kunststof vaten omleidingen langs vernauwingen in de slagaders aanlegt.